DE JAREN ZESTIG: TEGENBEWEGING
ALLES ANDERS
De jaren 1960 zijn voor velen een periode van ongebreidelde welvaartsstijging en optimisme, een tijd waarin eindelijk voor grote groepen in de samenleving geluk heel gewoon geworden is.
Voor een groeiende tegenbeweging is het echter een tijd van onbehagen , van behoefte aan maatschappijverbetering en culturele experimenteerdrift. Het naoorlogse Nederland wordt ervaren als benauwend en dichtgeplakt met kranten. Burgers zijn vijanden. Alles moet anders, niet in de laatste plaats in de mobiliteit. En als het niet goedschiks kan, dan maar "revolutie".
PROVO
In 1965 zijn het de Amsterdamse Provo's die voor het eerst luidruchtig aan de weg timmeren. Ze gaan een robbertje vechten met de politie zeker niet uit de weg, maar verder zijn ze vooral "ludiek" en creatief.
Zo bedenken ze oplossingen voor de verkeersproblematiek als het Witte fietsenplan en de Witkar. Het eerste exemplaar van deze anarchistische automobiel ziet in 1968 daadwerkelijk het levenslicht, maar als na ruim twintig jaar experimenteren de oplossing van het verkeersprobleem nog steeds niet daar is, bloedt het project dood.
MEI 1968
De "sixties" worden vaak gezien als een decennium waarin van alles op de kop gaat, 1968 als het jaar waarin de sixties culmineren en mei 1968 als de maand waarin de lont in het kruitvat gaat. Als symbooljaar en symboolmaand is daar niks mis mee, maar de sociaal-culturele ontwikkelingen beginnen al eerder en lopen zeker tot ver in de jaren 1970 door.
Misschien begint het allemaal met Cobra, met Elvis Presley, met de nozems-met-hun-buikschuivers, met de Beatles met hun lange haar of met de minirok; stuk voor stuk immers symbolen van een veranderende samenleving. En misschien eindigt het pas in de jaren 1980, als het tijdschrift de Haagse Post het "Ik-tijdperk" aankondigt.
PLUK VAN DE PETTEFLET
Wie wat verder kijkt dan de meest opvallende en geruchtmakende topjes van de ijsberg, ziet andere, bredere ontwikkelingen die op de lange termijn wellicht meer wijdverbreide effecten hebben. Zo ziet de Canon van de Nederlandse geschiedenis Annie M.G. Schmidt als belangrijk tegendraads element in de "burgerlijke samenleving" van het naoorlogse Nederland. Eén van haar belangrijkste kinderboeken "Pluk van de Petteflet" verschijnt in 1971, maar het advies "doe nooit wat je moeder zegt, dan komt het allemaal terecht", is door de baby-boom generatie dan al massaal opgevolgd.
BURGERIJ
Of Annie M.G. Schmidt daarmee mede schuldig is aan de ontwikkeling van wat de Duitse historicus Götz Aly een "jeugddictatuur" noemt kan in het midden worden gelaten. Interessant is wel zijn opmerkingen over de kwantitatieve aspecten van de jaren 1960. Hij schat dat in Duitsland zo'n 200.000 mensen (jongeren) meer of minder actief tegen de burger-maatschappij aanschopten. Op een totale bevolking van 60 miljoen is dat niet veel, al schopt een handjevol onder de radicale leiding van Andreas Baader en Ulrike Meinhoff natuurlijk wel héél erg hard.
In Nederland loopt het allemaal niet zo'n vaart, al zullen de kwantitatieve verhoudingen hier wel hetzelfde gelegen hebben. Grote groepen in de samenleving zien de tegenbeweging echter wel degelijk als revolutionair en de burgerij spreekt er doorgaans schande van.
KEVER EN KADETT
Die burgerij, met een sterk groeiende middenklasse, wentelt zich eind jaren 1960 in toenemende welvaart, verhuist naar luxe doorzonwoningen in suburbs, gaat steeds langer en verder met vakantie en rijdt in auto's. Niet in de Witkar, die in 1968 voor het eerst wordt gepresenteerd, maar in een Volkswagen Kever, een Renault 4 of een Opel Kadett, gunstig geprijsde auto's in het middensegment.
NOGMAALS 1968
Vooral de VW Kever is populair en kan wel als hét symbool van de Nederlandse massamotorisering worden gezien. Voor Volkswagen is 1968 overigens eveneens memorabel; in dat jaar neemt het merk voor het vijftiende achtereenvolgende jaar de toppositie in het Nederlandse klassement van de meest verkochte auto in. Het is ook het laatste jaar. In 1969, het jaar van de Maagdenhuisbezetting, neemt Opel de leiding over. Vooral de Opel B-Kadett blijkt een doorslaand succes op de Nederlandse wegen; de autopers raakt er niet over uitgesproken. Het is dé wagen, waarmee de revolutionaire jaren zestig op autogebied kunnen worden afgesloten.








