WEDEROPBOUW RAILVERKEER
BEHELPEN
Aan het eind van de oorlog is een flink deel van de infrastructuur onbruikbaar. Ook het spoorwegnet ligt er troosteloos bij; bruggen, stations en rollend materieel zijn vernietigd. Behalve de gevechtshandelingen zélf, zijn het vooral de terugtrekkende Duitsers die een enorme schade aanrichten. Van wat er bij de bevrijding op 5 mei 1945 nog over is, functioneert weinig meer. Dus wordt met man en macht gewerkt aan het herstel van vernielde en soms gerepatrieerde locomotieven, rijtuigen en wagens
STEUN EN TOEVERLAAT
Zeker de eerste tijd is het behelpen; bijvoorbeeld met zo'n 100 locomotieven die de Duitsers hebben achter gelaten. Anders dan veel andere landen stuurt Nederland deze machines echter al snel na weer terug naar Duitsland.
Meer plezier hebben de Nederlandse Spoorwegen van een groot aantal oorlogslocomotieven, die van de geallieerden worden overgenomen. Vooral de sobere, maar robuuste Engelse locomotieven (ook wel "Austerities" genoemd), zijn een steun en toeverlaat voor de NS. Zo'n 300 locomotieven, die van het Britse "War Department" zijn gekocht, hebben tot ver in de jaren 1950 over NS-rails gereden. Grote personen- en goedenrentreinenlocomotieven, maar ook kleine machines voor het onmisbare rangeerwerk, bijvoorbeeld bij de Rotterdamse havens.
Nog kleinere smalspoor-diesellocomotieven uit de VS waren van nut voor grote bouwwerkzaamheden. Ook andere tweedehandsjes, onder meer uit Zweden en Zwitserland, komen de vloot versterken,
Gelukkig vindt ook al weer snel nieuwbouw plaats. Eind jaren 1940 rollen de eerste nieuwe treinen al weer uit de fabrieken. Elektrische locomotieven uit Zwitserland en elektrische treinstellen die in de bekende Nederlands fabrieken voor spoorwegmaterieel gebouwd worden.
meer informatie over dit onderwerp >>






